Artroscopie

Een artroscopie is een kijkoperatie. Hierbij wordt een kleine camera ingebracht in de knie om een beter beeld te krijgen van wat er aan de hand is en wat eraan gedaan kan worden. Tijdens de kijkoperatie is een microfracture behandeling mogelijk. Deze optie wordt vaak gekozen bij de wat jongere patiënt. Er worden dan gaatjes geprikt in het bot waar de artrose zich bevindt. Uit deze gaatjes komen beenmergcellen waaruit littekenkraabeen kan ontstaan. Het verschilt sterk per patiënt of deze optie succesvol is. De nabehandeling is langdurig (6 tot 8 weken krukken, onbelast lopen) en het eindresultaat is pas te beoordelen na een jaar. Afhankelijk van de grote van het kraakbeenletsel zijn er wisselende resultaten. Hoe kleiner het letsel, hoe beter de resultaten.

Osteotomie

Bij een osteotomie corrigeert de arts de stand van de knie, bijvoorbeeld wanneer er sprake is van O-benen of X-benen, waardoor de druk op het aangetaste kraakbeen wordt verplaatst naar gezonder weefsel. Het herstel kan lang duren; het been mag tenminste zes weken slechts gedeeltelijk belast worden, omdat het botoppervlak beschadigd kan raken wanneer er te snel en te veel druk op de knie wordt uitgeoefend. Daarna kunnen de dagelijkse activiteiten voorzichtig weer opgebouwd worden. Echter, de botgenezing kan wel tot een jaar duren.

Gedeeltelijke knievervanging

Wanneer slechts één kant van het kniegewricht beschadigd is door artrose, kan de orthopedisch chirurg overwegen een operatie uit te voeren waarbij de gezonde kant gespaard blijft; een gedeeltelijke, of unicompartimentele, knievervanging.

Bij een gedeeltelijke knievervanging zijn de incisies kleiner, duurt het herstel minder lang en treedt minder bloedverlies op dan bij een volledige knievervanging. Plaatselijke verdoving of algehele narcose is echter wel noodzakelijk.

De nadelen van een gedeeltelijke knievervanging in vergelijking met een volledige knievervanging zijn dat de pijnverlichting minder voorspelbaar is en dat in de toekomst mogelijk nogmaals een operatie nodig is als er artrose optreedt in de delen van de knie die niet vervangen zijn.

Na de operatie is fysiotherapie nodig en zult u de eerste dagen of weken mogelijk loophulpmiddelen (bijvoorbeeld een looprek, wandelstokken, krukken) nodig hebben. Na zo’n 6 weken na de operatie kunt u uw dagelijkse activiteiten hervatten.

Volledige knievervanging

Wanneer je  zoveel pijn ervaart en deze niet middels andere oplossingen kan worden verlicht en wanneer het oppervlak van de uiteinden van de botten ernstig beschadigd is, is een volledige knievervanging een overweging. De orthopedisch chirurg bespreekt deze optie dan met je; het is immers een zware ingreep die onder algehele narcose plaatsvindt. Tijdens de operatie wordt het beschadigde oppervlak van het kniegewricht vervangen door metalen en plastic onderdelen die zo zijn gevormd dat de knie gewoon kan bewegen. Na de operatie heb je hoogstwaarschijnlijk veel pijn en moet je  uitgebreid revalideren, eventueel met loophulpmiddelen. Gewoonlijk duurt het herstel na een volledige knie vervangende operatie 3 tot 6 maanden.

De gemiddelde levensduur van een kunstknie is 10-15 jaar, vandaar dat ook je leeftijd een belangrijke factor is in de keuze voor deze ingreep.

Niet-operatieve oplossingen

Nu dat je weet welke operatieve oplossingen er zijn, wil je misschien ook meer lezen over de niet-operatieve oplossingen.